Belgen & Nederlanders op vakantie: hel op aarde of genieten in een zomers paradijs?

nice
Dit blogbericht schrijf ik vanaf het paradijselijke strand van Nice.

Zwetend verlaten de vele liters Magarita mijn verkaterde lichaam, de vele boertjes verraden mijn nachtelijke bezoek aan de met drie Turkse sterren bekroonde kebabzaak en de vele stenen waar ik op lig bezorgen me bijna een nekhernia. Het normaal makkelijk te vinden paradijs is voor mij deze morgen nog nergens te bekennen.
Wanneer er een Vlaams pratend koppel naast me komt liggen, drijven mijn gedachten af naar mijn paradijselijke tropenjaren die ik heb beleefd sinds ik in Antwerpen woon.

Het Vlaams koppel dat naast me komt zitten trekt een fles rode wijn open, waarna ze beide een stuk stokbrood in een doosje lopende Camembert dopen. ‘Heerlijk toch die Bourgondische Belgen’, denk ik terwijl ik langzaam in slaap sukkel.
Op het moment dat ik bijna in slaap ben gevallen en zo mijn kater kan ontwijken, schrik ik wakker van een autodeur die keihard dichtslaat.
Achter me op de Promenade (boulevard van Nice) is een gezin gearriveerd;  ze zijn duidelijk Nederlands.
Zij ziet eruit als een blonde KLM-stewardess die haar pakje is ontgroeid. Hij is een echte lange Nederlander die zo te zien teveel melk bij zijn erwtensoep drinkt. Uit de grote gezinswagen stappen vier hoogblonde kinderen, de een met nog een hardere ‘G’ dan de andere.
Mocht dit nog allemaal niet Nederlands genoeg zijn, dan hebben ze ook nog een sleurhut achter hun auto hangen.
De caravan; iets waar de Belgen niet bij kunnen. “Dat is toch geen comfortabele vakantie?”

Het Vlaams koppel naast me kijkt geïrriteerd achterom, waarna de Vlaamse man met zijn ogen draait; ‘de rust is verstoord’. ‘Vanaf nu praten we Frans zoetsje‘ zegt de man tegen zijn ondertussen lallende vrouw. ‘Als ze ons Nederlands horen praten komen ze misschien nog bij ons zitten!’
Terwijl het gesprek naast me verder gaat in het Frans, lach ik gesmoord in mijn handdoek. ‘Die Belgen toch…’

Boven het ruizen van de golven uit hoor ik de op een KLM-stewardess lijkende vrouw roepen; ‘Jongens dit is toch heeeerlijk!’ Maar de kinderen horen het al niet meer. Gillend rennen ze langs mijn hoofd, op weg naar de zee, waardoor een grote kei tegen mijn gezicht aanrolt. De rust in het paradijs is verstoord.
De moeder komt, natuurlijk, precies voor me liggen. Ze gooit een enorme doek uit waarop het gezin duidelijk gaat picknicken….. Fijn!
‘Jos, vergeet je de hagelslag niet?’ schreeuwt de vrouw over het Franse strand. Enkele minuten later komt Jos aanlopen met maar liefst drie koelboxen.
Als de hoogblonde kinderen joelend het water uitstormen, is de moeder al bijna klaar met alles uit de koelboxen te laden; volkorenbrood, bleu band halvarine, een blok jonge Gouda kaas met een reiskaasschaafje, een blikje smac, rookworst, hagelslag en een pak melk (dat de vader in één keer achterover drukt). Deze mensen houden duidelijk niet van Franse producten.

Ondertussen is de Camambert bij mijn Belgische buren op en heeft de Vlaamse vrouw haar bikini-topje uitgetrokken.
Plots wijst het kleinste hoogblonde jongetje naar de Vlaamse vrouw, ‘Pap, kijk! Die vrouw heeft blote tieten.’ Zonder schaamte kijkt het hele gezin richting de blote tieten van de Belgische dame en ze beginnen alle zes luidkeels te lachen.
Op zo’n moment schaam je je voor je eigen land.

Terwijl de Vlaamse man boos naar het gezin kijkt voel ik mijn kater langzaam wegtrekken en zie ik in de verte mijn vakantievrienden aankomen. Gelukkig. Het zijn allemaal Belgen!
Amai zeg! Fijne vakantie allemaal!

LEKKER SOCIAAL
Volg ‘Amai Zeg!’ ook op FACEBOOK!

Wat je ook leuk zal vinden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *